Waar moet je op letten bij het optimaliseren van je consolidatieproces?

Voor sommige bedrijven is het een ‘noodzakelijk kwaad’; ze moeten het nu eenmaal één keer per jaar
doen, simpelweg omdat de accountant dat eist. Andere bedrijven consolideren omdat ze maandelijks
op die cijfers willen of moeten sturen. Ze moeten bijvoorbeeld aan de bank rapporteren, of omdat ze
bezig zijn met overnames en willen weten wat hun financieringsruimte is. Na een overname willen ze
continu in de gaten houden hoe hun nieuwe overname het doet en welk effect de overname heeft op
de cijfers van de groep als geheel.

 

Consolidatie kan dus behoorlijk wat complexer zijn dan simpelweg optellen. Naast overnames kun je
te maken hebben met vreemde valuta, normalisaties, minderheidsbelangen, verschillende
rekeningschema’s en bronsystemen, verschillende consolidatiekringen, en nog veel meer. En
bovendien: je wilt consolideren omdat je informatie wilt delen. Consolidatie is vaak ook een cruciaal
onderdeel van de management informatie die wordt aangeboden.
Waar moet je dan op letten bij het optimaliseren van je consolidatie proces?

1. Wat is de scope?

Wat je vooraf ook heel goed moet bepalen is: wat wil ik nu precies kunnen zien? Welk detailniveau
heb ik nodig? Praat je alleen maar over een W&V, of ook een balans, een kasstroomoverzicht
(inclusief of exclusief verloopstaten, en wat zijn hier de consequenties van)? En als je naar je W&V
kijkt, wil je dan ook naar kostenplaatsen kunnen kijken, naar grootboekrekeningen, of zelfs doorklikken
naar transactieniveau? Het is vaak wel aan te raden om zo diep mogelijk in te prikken op je
brongegevens omdat dit helpt met je cijferanalyse, en de vervolgstappen in je consolidatie.

 

Daarnaast moeten veel organisaties er tegenwoordig over nadenken hoe ze om willen gaan met
overnames. Je hebt dan namelijk vaak te maken met de situatie dat je juridisch de nieuw
overgenomen entiteit(en) moet meenemen vanaf het moment van overname, maar dat andere
stakeholders (zoals een bank) juist weer een like-for-like rapportage wilt hebben voor de afgelopen
twaalf maanden.

2. Centraal of decentraal?

De volgende belangrijke vraag is of je centraal of decentraal wilt consolideren. Je doet een
consolidatie centraal wanneer je de afdeling control hebt gecentraliseerd, je één ERP gebruikt en dus
ook makkelijk zaken zoals de IC afstemming kunt doen. Immers: als je verschil hebt kun je een
pennetje naar de collega gooien met wie je het verschil moet afstemmen.

 

Maar stel, je zit in Azië en het gaat om een factuur in Amerika. Dan wordt het wel erg lastig om die pen
naar iemand te gooien! Dan kun je je collega natuurlijk proberen te bellen, maar die krijg je door het
tijdsverschil steeds net niet te pakken. Dus dan ben je weer afhankelijk van de e-mails over en weer.
Niet efficiënt dus. In dit geval is het dus heel belangrijk dat je decentrale intercompany afstemming
goed wordt ondersteund door een tool.

3. Inprikken op de bron of via een reporting pack werken?

Met de huidige ERP systemen die beschikbaar zijn is het vaak makkelijk om rechtstreeks in te prikken
op je ERP om data binnen te halen. Voordeel hiervan is dat je dit vaak op transactieniveau kunt doen.
Dan kun je meteen de IC verhoudingen bepalen op basis van debiteur/crediteur informatie. Hiervoor is
het wel weer belangrijk dat je voor intercompany zaken facturen verstuurd, en je niet alles memoriaal
oplost.

 

Indien je niet kan inprikken op de bron, dan zul je vaak een saldibalans moeten opvragen bij de
dochterondernemingen. Omdat je dan het transactieniveau mist heb je dan wel weer een uitsplitsing
nodig van je IC verhoudingen. Immers, je wilt wel weten met wie je een IC verhouding hebt om een
goede consolidatie te kunnen doen.

 

Voor sommige zaken zul je met een reporting pack moeten werken. Verloopstaten zijn vaak lastig op
te halen uit een ERP systeem, en vaak zijn zaken als FTE en specifieke jaareinde disclosures ook
makkelijker uit te vragen via een reporting pack dan allerlei systemen aan elkaar te knopen.

4. Validaties?

Het is ook handig om meteen te definiëren waar je op wilt valideren. Je eerste instinct is misschien
meteen overal validatieregels op los te laten. Dit klinkt leuk, maar voor de mensen die het moeten
uitvoeren is het af en toe best een dingetje om een IC verschil van EUR 5 te moeten verklaren.
Bovendien vertraagt het je consolidatieproces. Aan te raden is vaak om de validatie regels eerst high-
level op te zetten, om ze vervolgens steeds gedetailleerder te maken. Je hebt dan uiteraard wel een
tool nodig waar je makkelijk de validatieregels in kunt aanpassen.

5. Zelfredzaamheid is key

Flexibiliteit is daarom dan ook erg belangrijk. Iedere controller heeft een tool nodig die een verlengstuk
is van zijn kennis en kunde, zonder dat je met handen en voeten gebonden bent aan een consultant.
Dat kun je je gewoon niet meer permitteren in deze dynamische wereld waarin je snel moet kunnen
schakelen. Je wilt dus een tool waarbij je leert zelf aan de knoppen te zitten.

 

Of om met Confucius te spreken: “Geef een man een vis en hij zal een dag eten hebben. Leer hem te
vissen en hij is zijn hele leven zelfvoorzienend.”

 

Meer weten?

 

Wil je meer weten over het optimaliseren van jouw consolidatieproces. Neem dan contact op met ons
op.

Maak een afspraak

Op zoek naar een simpele en eenvoudige oplossing voor finance tooling?